Het aandeel Thyssenkrupp beleefde in 2025 een achtbaanjaar: enorme stijging vóór de afsplitsing van TKMS en stevige schommelingen erna. Hier vind je alle feiten: koers, gebeurtenissen, staalproblemen, analistentargets en toekomstige katalysatoren.
MICHAEL REEVES GOLDFISH TRADING UITGELEGD
Toen de term “Michael Reeves goldfish” ineens overal opdook op YouTube, X en in finance-memes, leek het eerst gewoon een wegwerpgrap: een chaotische programmeur die een klein oranje visje met echt geld laat YOLO-traden op de beurs. Maar wie iets verder keek dan de meme, zag al snel dat er meer aan de hand was. Livestreamcultuur, algoritmische handel, gedragsfinanciën en vrij zwart tech-humor kwamen samen in één setup, met een echte broker-API erachter. In dit stuk bekijken we wie Michael Reeves is, hoe de goudvis-bot technisch werkte, welke risico’s echt waren en welke vooral voor de show, en wat Nederlandse en Vlaamse particuliere beleggers, developers en meme-lovers kunnen opsteken van een vis die heel even de bekendste “portfoliomanager” van het internet werd.
Wie is Michael Reeves
Om te begrijpen waarom “Michael Reeves goldfish” zo bleef hangen in de collectieve internet-geheugen, moet je beginnen bij de persoon achter het aquarium. Michael Reeves startte zijn carrière als software engineer en schoof daarna langzaam maar zeker het domein van fulltime creator in. Niet met gladde corporate demo’s, maar met projecten die eruitzien alsof iemand een hackathon, een sketch-show en een hardware-lab in een blender heeft gegooid. Hij gebruikt échte code, échte elektronica en échte API’s om bewust onpraktische machines te bouwen die niemand bij zijn volle verstand als product zou voorstellen.
Zijn vroege video’s zijn officieel “programmeer-tutorials”, maar voelen inhoudelijk meer als cabaret voor nerds. De montage is agressief snel, de humor is zelfspot op standje maximaal en ergens in die chaos schrijft hij opvallend nette, werkende code. Het eindresultaat zijn dingen als pseudo-chirurgische robots die je nooit in een OK wilt zien, lasertracking-bots en uiteindelijk een goudvis die via een scherm vol gekleurde vlakken aandelen mag verhandelen. Voor een publiek dat zowel GitHub als r/wallstreetbets kent, is dat de perfecte kruising tussen vakmanschap en totale gekte.
Waar veel tech-influencers zich neerzetten als serieuze gidsen op weg naar “financiële vrijheid”, doet Reeves eigenlijk het tegenovergestelde. Hij is geen beleggingsadviseur, en alles in zijn toon onderstreept dat. De goudvis-video is niet opgezet als verkooppraatje voor een magische strategie, maar eerder als levend bewijs dat moderne brokers, API’s en een beetje vision-technologie het mogelijk maken om extreem domme dingen op extreem professionele wijze uit te voeren. In plaats van je binnen te halen met een belofte van snel rijk worden, trekt hij je juist mee in de gedachte: “oké, dit kan dus, maar moet je dit ooit met je eigen geld willen doen?”
Zijn publiek is een kleurrijke mix die in Nederland heel herkenbaar is: developers die overdag Java of Python tikken en ’s avonds met een oog op TradingView en een oog op Reddit zitten; studenten informatica die half studeren, half memen; particuliere beleggers die “apes together strong” al te vaak hebben gezien; en mensen die simpelweg graag kijken hoe iemand veel te veel moeite steekt in een belachelijk idee. Het is dezelfde groep die met gemak schakelt tussen AEX-grafieken, S&P-ETF’s, crypto-memes en TikTok-clips. Voor hen is het idee dat een goudvis sommige trades net zo “goed” zou kunnen kiezen als een overmoedig mens eerder pijnlijk herkenbaar dan compleet absurd.
Reeves hoort ook bij een generatie creators die praktisch 24/7 online zijn. Ideeën ontstaan in een stream of tweet, groeien door chatreacties en eindigen als volwaardig project met hardware, code en een edit van twintig minuten. Een zin als “stel je voor dat een vis mijn beleggingen kiest” blijft geen grap in de kroeg; binnen weken is er een bak water met kabels, een camera-rig, een spaghetti aan elektronica en een broker-account dat via een API aan al dat spul is geknoopt. Dat tempo kennen we ook van Nederlandse streamers en YouTubers, maar Reeves gaat net dat stapje verder door de technologie echt tot het uiterste te duwen.
Waarom een goudvis de perfecte sidekick is
Dat de hoofdrol naar een goudvis ging, was geen willekeurige keuze. Een goudvis is wereldwijd herkenbaar als huisdier, visueel opvallend in beeld en beladen met het cliché dat hij niks onthoudt. Voor de metafoor is dat goud waard: je laat een wezen zonder “plan”, zonder FOMO en zonder Twitter-account beslissingen nemen die normaal gesproken omhuld worden met jargon, grafieken en eindeloze analyses. Dat contrasteert prachtig met de manier waarop veel mensen hun eigen trades achteraf verheffen tot “strategische keuzes”, terwijl ze misschien net zo goed door dobbelstenen hadden kunnen worden bepaald.
Vanuit productieperspectief is een goudvis ook een heerlijk voorspelbare chaosbron. Hij beweegt net genoeg om de video levendig te houden, maar niet zo snel dat de camera en de tracking-software gefrustreerd raken. Je kunt een aquarium relatief makkelijk uitlichten, de camera vastzetten en daarna op de feed een interface projecteren met zones, tickers en statuslabels. Het hele “Michael Reeves goldfish”-concept leunt op dat evenwicht: de vis oogt willekeurig en levend, terwijl de onderliggende code rustig, strikt en herhaalbaar blijft draaien.
Daarnaast past een huisdier perfect in de klassieke internetcultuur. Denk aan kattenvideo’s, hondenreacties, hamsters in miniatuur-werelden; dieren breken de spanning en maken bijna elk onderwerp beter deelbaar. Algo-trading, broker-API’s en risicomodellen zijn normaal gesproken geen instant virale onderwerpen. Maar een klein oranje visje dat door een “BUY”-vak zwemt, een geluidje triggert en vervolgens écht een order op de markt loslaat, is dat wel. De goudvis fungeert als glijmiddel voor zware onderwerpen: je merkt pas achteraf dat je ondertussen iets hebt geleerd over hoe moderne handelssystemen werken.
Het sluit naadloos aan bij Reeves’ merk: hij bouwt dingen die geen enkel productteam bij een grote bank, broker of techbedrijf ooit zou goedkeuren, juist om te laten zien wat technisch mogelijk is. Voor Nederlandse kijkers — gewend aan redelijk nuchtere financiële marketing — voelt dat bijna verfrissend eerlijk. Niemand doet alsof dit een manier is om je pensioen beter te beheren. Het is entertainment met een ondertoon: “kijk, de tools zijn krachtig en toegankelijk, maar misschien is dát ook precies het enge eraan.”
Reeves combineert echte programmeer- en hardware-skills met chaotische humor, waardoor complexe projecten toegankelijk worden voor niet-techneuten.
Zijn publiek verwacht experimenten aan de rand van wat “verstandig” is, niet serieuze stappenplannen naar financiële onafhankelijkheid.
De goudvis fungeert als symbool voor pure willekeur en legt de vinger op de zere plek van kortetermijnprestaties.
Dierencontent maakt technisch en financieel zware thema’s meme-waardig en deelbaar in app-groepen, beleggingsclubs en subreddits tegelijk.
Wie het project ziet als performance in plaats van als beleggingsstrategie, leest de risico’s en de “grap” veel gezonder.
Tegen de tijd dat de “Michael Reeves goldfish”-video live ging, waren alle bouwstenen dus al aanwezig: een coder met gevoel voor drama, een publiek dat zowel spreadsheets als memes snapt, en een internet dat nog steeds dol is op dieren. Het resultaat voelt dan ook niet als een stunt in het luchtledige, maar als een logisch volgende stap in een carrière die draait om één vraag: wat gebeurt er als je de domste mogelijke invalshoek technisch zo goed mogelijk uitwerkt? In dit geval: je laat een goudvis dingen doen waar sommige mensen hun huis op zouden willen inzetten — en je laat miljoenen mensen toekijken.
Binnenin de goldfish-bot
Op headline-niveau is het verhaal simpel: Michael Reeves verbindt een aquarium aan een beleggingsrekening, en elke keer dat de goudvis een bepaalde zone in zwemt, gaat er een order de markt op. Technisch gezien zit er echter een verrassend nette architectuur achter die meme. De “Michael Reeves goldfish”-setup bestaat uit een keten van stappen: videobeeld inlezen, computer vision om de vis te vinden, een denkbeeldig raster met besliszones, risicoregels eroverheen en tot slot een broker-API die er echte transacties van maakt.
Alles begint met de kaart van het aquarium. Reeves plaatst een camera frontaal voor het glas en tekent daar in software een grid overheen. Stel je een rooster voor met rijen en kolommen: horizontaal verschillende instrumenten (bijvoorbeeld een grote Amerikaanse tech-aandeel, een brede wereldwijde ETF, een wat wildere smallcap voor de spanning), verticaal de acties (kopen, niets doen, verkopen). Elke combinatie van kolom en rij correspondeert met “vis kiest instrument X, actie Y”. De goudvis wordt daarmee letterlijk een levende muiscursor.
Daarbovenop komt de laag computer vision. De camera stuurt continu frames naar een pc of single-board computer, waar een script elk frame analyseert: waar in dit beeld zit de goudvis? Dat kan met relatief eenvoudige technieken zoals kleursegmentatie (oranje/rood tegenover blauwe achtergrond) en bewegingsdetectie, eventueel aangevuld met contourherkenning. Het doel is niet een hypermodern neurale-netwerkmodel dat elke schub begrijpt, maar gewoon een robuuste manier om het ene bewegende object dat ertoe doet te tracken.
Heb je eenmaal de coördinaten van de vis, dan is de stap naar “trade of geen trade” puur logica. De software kijkt in welke cel van het raster de vis zich bevindt. Is dat de kolom van ETF A en de rij “BUY”? Dan genereert het systeem een potentiële kooporder voor ETF A. Zwemt de vis naar de rij “SELL” onder dezelfde kolom, dan is dat een signaal om (een deel van) de positie af te bouwen. Blijft hij in de neutrale band, dan gebeurt er niks. Je kunt dit vergelijken met een heel simpel handelssysteem dat niet naar prijs kijkt, maar naar “cursor in vakje ja/nee”.
Van goudvis-coördinaat naar echte order
Als het systeem bij elke minieme beweging van de vis meteen zou handelen, zou de ordergeschiedenis binnen een uur onleesbaar zijn. Daarom bouwt Reeves er filters en risicoregels omheen. Een typische regel is bijvoorbeeld: “pas een signaal als geldig beschouwen als de vis minstens X aantallen frames in exact dezelfde cel blijft”. Daarmee filter je snelle spurtjes of tracking-fouten uit. Een andere logische beperking: “maximaal één trade per tijdsinterval” zodat de goudvis niet in een hyperactieve scalper verandert die de hele rekening opvreet.
Riskmanagement gaat verder dan alleen frequentie. Ook de positiegrootte wordt begrensd. Je wilt niet dat één toevallige sprong naar een “BUY”-vak direct 50% van de beschikbare cash in een enkele positie drukt. Dus programmeer je bijvoorbeeld dat elke order maar een klein percentage van het totale vermogen mag vertegenwoordigen. Ook kan de totale exposure per instrument en per richting (long/short) worden beperkt. Dat soort regels zijn in de basis precies hetzelfde als wat serieuze quantitative traders toepassen – alleen is de signal generator in dit geval een vis en geen factor-model.
Zodra er een signaal door al die checks heen komt, wordt het omgezet in een concrete broker-opdracht. Veel internationale online brokers bieden vandaag een API aan waarmee je programmatisch orders kunt plaatsen. De code stelt dan een order samen: “koop 1 stuk van ticker XYZ als market order” of “verkoop 0,1 stuk van ETF ABC”, afhankelijk van hoe het account en de fractiebeleggingen zijn ingericht. Die instructie gaat via een beveiligde verbinding naar de broker, die hem net zo behandelt als een klik in de web- of mobiele app.
Belangrijk om je te realiseren: voor de beurs zelf ziet zo’n order er volstrekt normaal uit. In het orderboek van Euronext of een Amerikaanse beurs staat gewoon een limiet- of marketorder van een bepaald account. Niemand op de markt kan zien of de beslissing om te kopen voortkwam uit een mens met driedubbele monitoren in Amsterdam, een bot die newsfeeds scant, of een goudvis in een plexiglazen bak. De infrastructuur is blind voor het verhaal; hij ziet alleen getallen en commando’s.
Bovenop dat alles ligt een laagje “show” voor de kijker. In de video zie je niet alleen de vis, maar ook overlays: kleurvakken met labels, realtime weergave van huidige winst/verlies, misschien een grafiek die het equity-verloop laat zien. Elke keer dat er een order wordt geplaatst, flikkert er tekst in beeld, speelt er een geluidje of zie je een counter oplopen. Daarmee wordt de experimentele setup omgetoverd tot een soort esports-match waar de goudvis de “speler” is en de markt het level.
Conceptueel kun je de goudvis-bot lezen als een blokdiagram dat verrassend veel weg heeft van klassieke algoritmische handel: data in, signaal logica, riskfilter, orderrouter. Alleen komt de data niet uit CSV-bestanden, maar uit een aquarium. Voor Nederlandse hobby-quants die zelf met Python, R of Excel backtests draaien op AEX- of S&P-data, is dat een interessant inzicht: vervang de goudvis-coördinaten door prijsseries en je hebt ineens iets wat verdacht veel lijkt op een “normale” bot.
De camera legt het aquarium vast en software tekent een grid met verschillende instrument- en actie-zones over het beeld.
Computer vision-technieken bepalen in welke cel de goudvis zich bevindt, frame voor frame, en negeren achtergrondruis.
Risicoregels beperken hoe vaak en hoe groot er gehandeld wordt, zodat de vis niet in één nacht de hele rekening kan opblazen.
Een broker-API zet geldige signalen om in echte orders, die voor de markt niet te onderscheiden zijn van menselijke orders.
Overlays en dashboards leggen aan de kijker uit wat er gebeurt, terwijl ze de spanningsboog van een live-trade meekrijgen.
Van een afstand oogt het misschien als een grap die te ver is doorgeschoten: een huisdier als interface voor de kapitaalmarkt. Maar zoom je in op de structuur, dan zie je een miniatuurversie van veel systemen die vandaag de dag echt draaien, ook bij brokers en fondshuizen waar Nederlandse beleggers klant zijn. Er zijn inputsignalen, een beslislaag, risicobeperkingen en een uitvoeringsmotor. Dat is precies waarom deze meme prikt: hij legt bloot hoeveel van onze eigen “serieuze” handelsbeslissingen ook gewoon door een vrij simpele pijplijn gaan — alleen vullen we daar meestal geen vis, maar onze eigen emoties en overtuigingen in.
Wat dit ons leert
Als de eerste lachbui voorbij is en het algoritme van YouTube je weer naar andere filmpjes stuurt, blijft er van “Michael Reeves goldfish” iets achter dat serieuzer is dan de titel doet vermoeden. Want als een willekeurige goudvis, omringd door nette risicobeperkingen en een beetje spreiding, tijdelijk een best aardige equity-curve kan neerzetten, wat zegt dat dan over al die mensen die hun eigen kortetermijnprestaties zien als bewijs van “vaardigheid”? Voor particuliere beleggers in Nederland en België, die vaak tegelijk naar Amerikaanse tech, Europese indexfondsen en misschien wat crypto kijken, is die vraag relevanter dan je misschien wilt toegeven.
De gedragsfinanciering laat al jaren zien dat mensen extreem gevoelig zijn voor overmoed. Een handvol winnende trades op rij, zeker in een bullmarkt, en we hebben de neiging om dat toe te schrijven aan ons unieke inzicht. Verlieslatende trades daarentegen worden al snel weggezet als “pech”, “slechte markt” of “domme shorters”. De goudvis-experimenten halen die neiging onderuit door het signaal expliciet willekeurig te maken. Als je vervolgens tóch periodes ziet waarin de curve oploopt, wordt duidelijk hoe makkelijk het is om achteraf een verhaal te verzinnen bij iets dat in feite toeval is.
Toeval, kunde en meme-portefeuilles
Op echte markten is de scheidslijn tussen toeval en kunde zelden helder. Zeker in kortetermijnhandel — of het nu gaat om daghandel in Amerikaanse groeiaandelen, speels traden in AEX-opties of korte swingtrades in crypto — kan een reeks winst of verlies makkelijk worden gestuurd door macro-nieuws, earnings, tweets of simpelweg sentiment. Toch vertellen we achteraf graag verhalen waarin onze analyse, onze indicator of onze “gut feeling” de hoofdrol speelt. De goudvis laat zien dat je zelfs als je alle “skill” uit het beslisproces haalt, nog steeds grafieken kunt krijgen die verdacht veel lijken op wat sommige mensen op forums posten als bewijs van hun strategie.
Dat sluit nauw aan bij de cultuur rond meme-aandelen en hype-thema’s. We hebben de afgelopen jaren gezien hoe bepaalde aandelen wereldwijd omhoogschoten omdat ze trending waren op Reddit, X of Discord, niet omdat de cashflow-projecties ineens verdubbelden. Ook op de Nederlandse markt zie je momenten waarop een smallcap ineens door het dak gaat omdat een paar invloedrijke accounts erover posten. Wie die golf precies op het juiste moment pakt, voelt zich een genie; wie net te laat instapt, blijft met de brokstukken zitten. De afstand tussen “ik heb dit grondig geanalyseerd” en “ik zat toevallig goed in de stroom” is vaak kleiner dan het ego toelaat.
De kracht van “Michael Reeves goldfish” is dat het al die spanning weghaalt. Niemand denkt dat de vis een DCF-model heeft gedaan of de balans heeft doorgenomen. Toch kunnen de resultaten op korte termijn lijken op die van een enthousiaste Reddit-trader of iemand die elke dag vijf keer zijn mobiele broker-app opent in de trein. Dat is een ongemakkelijke spiegel voor iedereen die weleens trots een screenshot van zijn portfolio in een WhatsApp-groep heeft gegooid na een paar goede weken.
Belangrijk: dit betekent niet dat waardebeleggen, fundamentele analyse of gestructureerde strategieën nutteloos zijn. Op langere termijn, over jaren en tientallen beslissingen, kan kunde wel degelijk het verschil maken. De les uit de goudvis is vooral dat je voorzichtig moet zijn met conclusies op basis van kleine sample sizes. Als een vis in een bak water tijdelijk “outperformance” kan laten zien, dan kan jij dat ook — maar dat zegt weinig over hoe robuust je aanpak is als de markt draait.
Kortetermijnresultaten zeggen vaak meer over marktomstandigheden en toeval dan over structurele beleggingsvaardigheid.
Mensen bouwen graag verhalen rond hun winsten, waardoor ze echte gelukstreffers verwarren met een reproduceerbare strategie.
Meme-aandelen en hype-thema’s gedragen zich soms niet heel anders dan een goudvis-bot: aandacht en volatiliteit domineren, niet fundamentals.
De echte “skill” in het experiment zit in de randvoorwaarden: limieten, spreiding en stopregels, niet in de signaalbron.
Je afvragen of je eigen trading echt beter is dan een goudvis, is een gezonde reality check voor elk ego.
Een andere manier om risico uit te leggen
Een onderbelicht aspect van “Michael Reeves goldfish” is dat het eigenlijk uitstekend lesmateriaal is. In Nederland groeit de aandacht voor financiële educatie; jongeren beleggen via apps, werkgevers praten over pensioen en indexfondsen, en je ziet steeds meer content over FIRE en “met 35 stoppen met werken”. Toch blijft het lastig om risico écht voelbaar te maken met alleen disclaimers en grafiekjes in brochures. “Waarde kan schommelen” is juridisch noodzakelijk, maar emotioneel nogal bloedeloos.
De goudvis-video pakt dat anders aan. Je ziet live een rekening heen en weer schommelen door beslissingen waar letterlijk geen enkele analyse achter zit. Elke sprong van de vis kan leiden tot een nieuwe positie, elke serie van “foute” sprongen tot een forse drawdown. Zelfs als je weet dat het om een relatief klein bedrag of om demo-geld gaat, voel je onwillekeurig toch iets wanneer de grafiek in korte tijd hard daalt. Dat is precies de fysieke sensatie die veel mensen ervaren wanneer ze voor het eerst met leverage, turbo’s of volatiele crypto-tokens spelen.
Voor docenten, beleggingsclubs of opleiders ligt hier een kans. Je hebt geen echte goudvis nodig om hetzelfde punt te maken. Je kunt een soortgelijke oefening doen met dobbelstenen, kaartspelletjes of random number generators: laat deelnemers een portfolio bouwen waarbij koop- en verkoopsignalen door toeval ontstaan, en laat ze vervolgens verschillende risicoregels toepassen. Eén groep mag onbeperkt inzetten, een andere werkt met kleine posities en strikte stops, een derde moet spreiden over meerdere ETF’s. Al na een paar rondes zie je enorme verschillen in uitkomst, terwijl de “skill” in alle gevallen nul was.
De goudvis-experimenten maken abstracte begrippen als volatiliteit, drawdown en veiligheidsgordels voor portefeuilles heel concreet. In plaats van een formule of een VaR-berekening zie je gewoon: hier ging het mis, en hier hielp een limiet. Voor een Nederlands publiek dat misschien zowel naar een eigen huis, een pensioenpot en een beleggingsrekening kijkt, is dat besef belangrijk. De meeste mensen hoeven geen goudvis-bot te bouwen, maar ze moeten wél begrijpen dat zelfs relatief “brave” keuzes zoals enkel in één land of sector zitten, in bepaalde scenario’s riskant kunnen uitpakken.
Toch blijft één rode draad overeind: markten zullen altijd een stevige dosis onvoorspelbaarheid bevatten. Of je nu in AEX-fondsen, wereldwijde ETF’s, dividend-aandelen of groeiaandelen belegt, er zullen periodes zijn waarin resultaten meer op een rollercoaster lijken dan op een rechte lijn. “Michael Reeves goldfish” zet die realiteit in de schijnwerpers door het meest willekeurige beslissingsmechanisme denkbaar te gebruiken en het daarna serieus te koppelen aan een broker. Juist doordat het zo absurd is, blijft de boodschap hangen.
Voor Nederlandse beleggers kan de belangrijkste takeaway uiteindelijk verrassend saai zijn: het is prima om te lachen om goudvis-trading, wat met losse bedragen te experimenteren en memes te delen, maar de kern van je vermogen verdient een heel andere aanpak. Breed gespreide indexfondsen, periodiek inleggen, een horizon van jaren of decennia en duidelijke grenzen aan risico — dat zijn dingen waar geen goudvis, geen influencer en geen viral video ooit iets aan verandert. De markt zal doen wat de markt doet; jouw kracht ligt in hoe je omgaat met het deel dat je wél kunt sturen.
Misschien is dát precies waarom “Michael Reeves goldfish” is blijven plakken in de feeds: het voelt als een grap over de gekte van de markt, maar ergens daaronder is het ook een grap over onszelf. Over hoe graag we skill willen zien waar soms alleen geluk zit, en hoe verleidelijk het is om chaos te misverstaan als controle. De goudvis vergeet het binnen een paar seconden; als het goed is, blijven wij er iets langer bij stilstaan.
U KUNT OOK GEÏNTERESSEERD ZIJN